BPM-taxatie als tegenbewijs: wat een rapport houdbaar maakt
Wie een gebruikte auto importeert en de BPM berekent op basis van een taxatierapport, komt het steeds vaker tegen: de Belastingdienst wijst de aangifte af en eist betaling volgens de forfaitaire tabel. Het rapport is dan het tegenbewijs. Of dat tegenbewijs standhoudt, hangt zelden af van de conclusie en bijna altijd van drie dingen: het moment van de opname, de opbouw van het rapport en de controleerbaarheid ervan.
Het moment is onherstelbaar
Eerst laten taxeren, daarna pas bij de RDW aanmelden. De taxateur moet de auto gezien hebben voordat de RDW het voertuig goedkeurt, uiterlijk de dag ervoor. Op de dag van die goedkeuring mag het rapport hoogstens een maand oud zijn en het moet meteen bij de aangifte zitten. (artikel 8, vierde lid, Uitvoeringsregeling BPM; HR 2025:1472)
Dit is de meest voorkomende reden dat een verder deugdelijk rapport het niet haalt. Het gaat niet over de kwaliteit van de taxatie maar over de volgorde, en die is achteraf niet meer te repareren: ook in bezwaar telt een rapport dat te laat tot stand kwam niet mee.
Wanneer de taxatiemethode openstaat
De waarde van een gebruikte auto mag op drie manieren worden bepaald, en de keuze is aan de belastingplichtige, niet aan de inspecteur.
| Methode | Wanneer |
|---|---|
| Forfaitaire tabel | Altijd bruikbaar, zelden gunstig voor een auto die minder waard is dan gemiddeld. |
| Koerslijst | Voor een auto in normale staat waarvan het model in de koerslijst voorkomt. |
| Taxatierapport | Bij meer dan normale gebruiksschade. Die schade telt dan mee als waardevermindering. |
Gaat het om meer dan normale gebruiksschade waarmee de auto wel de weg op mag, dus zonder essentieel gebrek, dan staat de taxatiemethode open. Bij een auto die door een essentieel gebrek de weg nog niet op mag, ligt dat anders.
Wat een rapport controleerbaar maakt
Een inspecteur die een taxatie afwijst, moet dat concreet en controleerbaar motiveren. Dat lukt hem makkelijker naarmate het rapport zelf minder te controleren valt. Wat er dus in hoort:
- Een fysieke opname van het voertuig zelf, met datum en met foto's van de vastgestelde schade.
- De schadeposities stuk voor stuk benoemd en onderbouwd. Wijkt het rapport af van wat een eigen opname namens de inspecteur laat zien, dan is dat de meest gebruikte weigergrond.
- De inkoopfactuur of inkoopverklaring, ingevuld en bijgevoegd. Ontbreekt die, dan wordt een rapport soms uitsluitend daarom verworpen.
- Een herleidbare berekening van de handelsinkoopwaarde, zodat elke stap te volgen is.
- Een taxateur die onafhankelijk is en dat ook kan aantonen.
Dat laatste is geen vormkwestie. Een rapport is een bewijsstuk, en de waarde daarvan staat of valt met de vraag of de opsteller aanspreekbaar is op een norm. Daar is de VTC-kwaliteitsborging voor, en daarom staan de gecertificeerde taxateurs in een openbaar register.
En het bezwaarschrift zelf?
Een taxateur levert de onderbouwing, niet het juridische stuk. Het bezwaarschrift kunt u gratis zelf maken met BPMBezwaartje, een hulpmiddel van Stichting ROTA: u fotografeert de brief van de Belastingdienst, de termijn wordt uitgerekend en er komt een compleet stuk uit met de gronden en de rechtspraak die bij uw situatie horen.
Let vooral op de termijn. Bij een naheffingsaanslag heeft u zes weken vanaf de dag na de dagtekening; heeft u onder dwang betaald om uw kenteken te krijgen, dan gaan de zes weken in op de dag na de betaling. Te laat is in beginsel niet-ontvankelijk, hoe sterk uw rapport ook is.
Deze pagina is algemene uitleg over de eisen aan een taxatierapport in BPM-zaken en geen persoonlijk fiscaal of juridisch advies. Voor uw eigen zaak geldt wat er in uw brief en uw dossier staat.